|
Openingstoespraak door Frans Smolders, conservator Apeldoorns Museum, in Galerie Jansen & Kooy, 16-03-03 RUIMTE Het werk van Jan Willem Maris gaat over ruimte. In de afgelopen tien jaar zijn kunstenaars zich steeds nadrukkelijker bezig gaan houden met de openbare ruimte en fysiek vormgegeven ruimtes om ons heen. Kunstenaars bedienen zich van het idioom van de architectuur, maken installaties voor bijzondere plekken of schotelen ons het beeld van de openbare ruimte voor d.m.v. de registrerende fotografie. Dan Graham werkt al sinds de jaren 70 met het thema van de relatie tussen mens en architectuur en in het verlengde daarvan de beleving van ruimte. Hij is met zijn glazen paviljoens de voorloper van een hele generatie kunstenaars die het sculpturale en architectonische aspect van onze leefomgeving tot motief heeft gemaakt. Jan Willem Maris hoort overduidelijk ook tot die generatie, getuige zijn toelichting op zijn werk: 'Het twee- en drie- dimensionale werk ontstaat vanuit de werking van ruimte(s) op het gemoed en met liefde voor constructies. Dit wordt geconcretiseerd in pleinen. Pleinen waar je je beschut kunt voelen en tegelijk vrij in de ruimte.' Op verschillende speelse manieren, altijd met minimale middelen, weet JWM de kijker bewust te maken van de ruimte -de verschillende ruimtes- waarin wij ons bevinden. Hij werkt gevoelsmatig, maar hanteert impliciet een aantal principes die bij de beleving van architectuur een grote rol spelen: SCHAAL Wanneer je het werk van Jan Willem Maris bij elkaar ziet -de schilderijen en de ruimtelijke constructies samen- word je je bewust dat hij naast elkaar op diverse schaalgrootten bezig is: van kijkdoos (het draadmodel, gebaseerd op verfdozen etc.) naar interieur, naar het gebouw, naar buiten, naar straten en pleinen, om uiteindelijk met vogelperspectief op een hele stad neer te kijken, waarbij de pleinen als holtes in het stedelijk weefsel zijn uitgespaard. Kees Boeke, bij leven schoolmeester te Bilthoven, is de geestelijke vader van de 'Machten van tien'. Om de grootte van het heelal zichtbaar te maken maakte hij een reeks tekeningen die als Russische poppetjes in elkaar steken. Samen vormen ze een visuele reis bestaande uit 40 beelden (40 machten van tien) waarin alle afstandschalen van een quark tot de meest grootschalige structuren in het heelal aan de orde komen. Als opvolger van Boeke's boek 'Het heelal in veertig stappen' uit 1957, hebben we de prachtige video en uitgave 'Machten van tien' (Natuur & Techniek), gemaakt door Charles en Ray Eames, en Phylis en Philip Morrison. Aan het ene eind van de reis zie je de immense afmetingen van het universum voor zover bekend, zo'n 13 miljard jaar oud met een doorsnee van 10 tot de tiende lichtjaren. Aan het andere eind van de reis is de ruimte tussen drie quarks in een proton zichtbaar. De overeenkomsten qua ruimtelijk beeld zijn treffend. De werken van Maris verbeelden het stuk van die machten van tien dat visueel in het dagelijks menselijk bestaan een rol speelt. Maar JWM is zo fundamenteel met ruimte bezig dat ik zonder enige moeite zijn exercities met ruimte doordenk in andere dimensies. THEATRALE RUIMTE: dramatische werking van licht en kleur Veel van de werken van Maris zijn gebaseerd op zijn buitenlandse reizen, op zijn observaties ter plaatse. Hij houdt van omzwervingen langs straten en pleinen in oude steden, vooral tijdens de siesta, wanneer de zon op zijn hoogst genadeloos staat te branden en daardoor dramatische licht-schaduw effecten veroorzaakt. Pleinen en straten zijn dan verlaten, luiken, gordijnen en vensters gesloten. In zijn maquettes zet Maris de gebouwen neer als decorstukken, zelfs als acteurs in een theater. De kleuren geven de spelers een individualiteit. De spanning in het vloeipapier of het krimpfolie maakt gebouwen tot eigenzinnige romanpersonages zoals Bordewijk ze afschildert in Blokken, of Bint. MASSA EN VOLUME Een kleine 100 jaar gelden -tussen 1910 en '20- was er ook zo'n periode waarin beeldend kunstenaars zich intensief bezighielden met architectonische ruimte. In het Russische Constructivisme bijvoorbeeld deed men zeer systematisch studie naar massa en volume, naar de invloed van kleur op het gewicht en de massa van een gebouw, naar de mogelijkheden van lijn en vlak. In het Kubisme kreeg de kunstenaar bij de overzetting van een 3-dimensionale vorm naar het platte vlak de opdracht om ook het volume, de lege ruimte, zichtbaar te maken. Bij JWM zie ik deze historische lessen in architectonische vormprincipes gedemonstreerd. We zien eerst het spel tussen massa en volume, d.w.z. de zichtbare en de onzichtbare ruimte. Massa wordt gevisualiseerd in kleurige vlakken die het gewicht oplossen. Vlakken worden vervolgens lijnen: de begrenzingen van de gevelvlakken worden door bamboestokjes vertaald in een ijl lijnenspel. Het speelse onderzoek naar vlak en kleur gaat vloeiend over in experimenten met bouwkundige skelet-structuren. Bij het zien van het Massa-Volume-spel tijdens mijn atelierbezoek aan JWM, kreeg ik direct herinneringen aan een uitstapje naar Chambord. Chambord is het grootste van de kastelen aan de Loire, gebouwd als Renaissance jachtkasteel vanaf 1519 voor Francois I. Meer dan door de bekende dubbele trap, was ik verbluft door de honderden bouwsels op de daken: 365 schoorstenen en ontelbare lantaarntorens. De ruimte tussen de afzonderlijke bouwsels -de restvorm- is evenzeer deel van het kunstwerk als de kunstig gemetselde delen. Licht en schaduw zorgen voor scherpe contrasten. Wat een visueel genot leverde dit samenspel van positieve en negatieve vormen op, van architectuur en omringende ruimte. De stijl van de architectuur, de decoratie van het materiaal, is niet van invloed op de ruimtelijke ervaring, het gaat om principes van vormentaal. SIMULTANEISME Simultaniteit is een begrip dat begin 20e eeuw zijn intrede deed in het werk van de filosoof Bergson. Daarin zette hij zijn denkbeelden uiteen over het accumulatieve karakter van de menselijke ervaring en herinnering. Kubisten en Futuristen legden dit uit als het weergeven van de 4e dimensie. Dat probeerden zij op twee manieren te bereiken: een object van alle kanten in een beeld weergeven, ofwel het tegelijkertijd afbeelden van dingen die niet tegelijk gezien kunnen worden. De schrijver en criticus Jacques Riviere merkte al in 1912 in zijn tijdschriftartikel 'Sur les tendances actuelles de la peinture' op dat de visuele waarneming geen statische gebeurtenis is, geen momentopname, maar het resultaat van een proces waarin vele indrukken gecombineerd moeten worden voordat we een beeld doorgronden. Wanneer we een ruimte betreden of door een stad wandelen bewegen we onze ogen, evenals ons hoofd. We draaien ons om en bewegen in de ruimte, waardoor die ruimte zich gaandeweg voor ons ontvouwt. In een aantal van zijn schilderijen werkt Maris met dit simultaniteitsprincipe, in de zin van in een beeld weergeven van wat niet in een oogopslag te vangen is. In sommige van zijn prachtig glacerend geschilderde doeken, loop je als kijker als het ware door drie-dimensionale stadsplattegronden. Door opstaande vlakken transparant te schilderen maakt Maris het mogelijk een opeenhoping van straten en pleinen in een ogenblik te vangen. ELASTICITEIT: In zijn nieuwste schilderij, nauwelijks herkenbaar als stadslandschap, herken ik het principe van de ruimtelijke elasticiteit die ik leerde bewonderen in barokke kerken in Beieren. Een totale uitwissing van ruimtegrenzen en bouwdelen. Je ziet een aantal in elkaar overgaande ruimten die nauwelijks van elkaar afgegrensd zijn. Wie door zo'n kerk loopt, kan de plattegrond onmogelijk ontcijferen. Het grondplan is vaak gebaseerd op overlappende ovalen, waarbij vanuit elk standpunt alle lijnen in telkens andere krommingen worden getrokken. Er is een totale elasticiteit van de ruimte. JWM geeft die bouwkundige elasticiteit weer in zijn schilderijen, hetgeen prachtige vormen oplevert. |